Login

    

Statistieken

We hebben 32 gasten en geen leden online

Vandaag58
Gisteren358
Deze week1401
Deze maand7237
Totaal237144

Artikelen per categorie

Beginnend modelvlieger

Welkom in de wereld van de modelvliegsport

Voor degene die er enkele jaren mee bezig zijn is het de hobby van hun leven. Dat het een hobby is die altijd kan rekenen op een grote en brede publieke belangstelling is wel bij iedereen bekend. Dat het tevens een hobby is waar nogal wat meer bij komt te kijken dan "dat doe ik wel even" is bij veel minder mensen bekend. Laat ik stellen dat je de eerste goede stap al hebt gedaan door te informeren bij een bij de KNVvL aangesloten club. Dit is daarom speciaal geschreven voor mensen die van plan zijn om te beginnen met de modelvliegsport. Het is geschreven om onervaren beginners op een duidelijke manier op weg te helpen. De informatie die je hier in aantreft is zorgvuldig geselecteerd door ervaren modelbouwers en vliegers. Stuk voor stuk is alles door en door beproefd.

Bouwen en Vliegen

Eigenlijk is de naam Modelvliegen niet helemaal juist gekozen. Er zit immers ook nog een onderdeel bouwen aan vast. Daarom zal ik de modelvliegsport ruw weg opsplitsen in een onderdeel bouwen en een onderdeel vliegen. Deze twee onderwerpen zullen beide uitvoerig besproken worden. Je zult ook diverse tips tegen komen. Door de jaren heen zijn de adviezen en tips door en door beproefd.

Modelvliegclubs

In Nederland zijn er vele modelvliegclubs die op daarvoor bestemde velden of banen vliegen met modelvliegtuigen. Om direct een groot misverstand uit de wereld te helpen, modelvliegen met motorvliegtuigen is in Nederland verboden. Het mag alleen als het plaats vind op een daartoe aangewezen terrein. Daarbij komt dat zo'n terrein altijd gekoppeld is aan een club of vereniging. Dus je ontkomt er niet aan om lid te worden van een modelvliegclub, zoals de Leeuwarder Luchtvaart Club Aeria er ook een is. Alle andere mensen die niet in club verband op een aangewezen veld vliegen vallen onder de categorie "wildvliegers". Voor het vliegen met motorvliegtuigen is de Milieuwetgeving van toe passing. Modelvliegclubs hebben dan ook altijd een vergunning om te vliegen. Wildvliegers hebben die niet en zijn dan ook strafbaar. Nog los van de gegeven is er naar mijn mening een veel belangrijker probleem aan de orde. Bij een club leer je gratis onder leiding van ervaren instructeur vliegen met jouw modelvliegtuig. Je wordt dan opgeleid tot solo vlieger en je kunt bij de club het verplichte Brevet halen. Als je lid bent van de L.L.C. Aeria en je bent in het bezit van een brevet, ben je automatisch verzekerd. Heb je echter geen brevet als clublid, dan ben je alleen verzekerd als je onder leiding van een instructeur vliegt.

Kom gewoon een keer langs en maak een afspraak. Of je daarna door wil gaan met de hobby is aan jou om te beslissen.

Is het moeilijk?

Deze vraag wordt door beginners maar zelden gesteld. De ervaring leert echter dat deze vraag met een volmondig "JA" beantwoord kan worden. Leek het vanaf de kant nog eenvoudig om zo'n vliegtuig te besturen, na de eerste vlucht denken de meeste er al anders over. Maak beslist niet de vergissing dat het te vergelijken is met op afstand bestuurbare auto's. Oké, die moet je ook besturen, maar die donderen niet met 100 kilometer per uur naar beneden als je iets fout doet. En daar zit het hem nu juist in. Als je solo wil vliegen, moet je instaat zijn het model te allen tijde onder controle te houden. Dus ook landen op de plek die jij uitkiest. Valt de motor uit, dan is de vlieger instaat om het vliegtuig veilig te landen. Niet minder belangrijk is, dat zo'n modelvliegtuig gemaakt is van heel licht materiaal en dus snel kapot kan gaan. Als je onder leiding van een instructeur stapje voor stapje voor stapje het vliegen gaat leren, zal de kans op brokken uiterst minimaal zijn. Natuurlijk leert de een sneller dan de ander. Je moet er toch rekening mee houden dat je minimaal zo'n 40 lessen nodig hebben om de basis beginselen te leren. Uiteindelijk beslissen de instructeurs of je instaat bent veilig alleen te vliegen.

Mijn eerste modelvliegtuig

Je hebt natuurlijk al rond gekeken bij de club en alle modelvliegtuigen uitvoerig bekeken. Een groot scala aan modelvliegtuigen. De een nog mooier dan de andere. Van snelle flitsende modellen tot prachtig nagebouwde oorlogsvliegtuigen. Er stonden ook wel een paar van die lelijke kisten tussen met zo'n grote geknikte vleugel op een romp die de vorm van een doos had. Misschien nou niet een model waar je mee zou willen beginnen. Ik kan het mij helemaal voorstellen. Toch moet ik je teleurstellen. Juist die modellen zijn voor jou uitermate geschikt om het vliegen en het bouwen te leren. Hierna worden een aantal modellen genoemd die de afgelopen 15 jaar bewezen hebben dat ze uitermate geschikt zijn om als beginnerstoestel dienst te doen.
  • De Charter van Robbe
  • De Taxi II en Taxi III van Graupner
  • De Westerley van meerdere merken
Er zijn nog wel enkele modellen te noemen, maar die hebben al grotendeels voortgebouwd. Ik noem ze met opzet niet, omdat daaraan wat nadelen zitten. Daarover later meer. Wat zijn de kenmerken van een goed beginnersmodel?
  • Eenvoudige constructie
  • Eenvoudig te repareren
  • Gemoedelijke vliegeigenschappen
  • Geen grote motoren
  • Lage kosten
  • Duidelijke tekening aanwezig
Ondanks dat deze vliegtuigen niet altijd jou eerste voorkeur zullen hebben raad ik het toch aan. Dit zijn nou vliegtuigen die een gemaakte fout niet genadeloos afstraffen. Ze zijn zo ontwikkeld dat ze, mits goed gebouwd, altijd keurig recht vliegen. Als de motor uit valt, zweven ze nog een hele tijd door. Neem maar aan dat het niet leuk is om elke keer weer met een kapot vliegtuig mee naar huis te moeten nemen. De tijd voor die mooie en snelle vliegtuigen komt heus wel. Alleen nu nog even niet. De beginners modellen zijn te koop als bouwdoos en zijn met gewoon gereedschap in elkaar te zetten. Alle houten onderdelen zijn meestal kant en klaar

Mijn eerste kist bouwen

Wie wil vliegen, moet eerst een modelvliegtuig kopen. Ik haalde het al eerder aan dat er tegenwoordig twee mogelijkheden zijn. Ten eerste de bouwdozen die jezelf nog helemaal in elkaar moet zetten en de voorgebouwde modellen, de zogenaamde "Almost ready to fly", kortweg A.R.F. De eerste groep heb ik hiervoor beschreven. De tweede groep, de kant en klare modellen raad ik af, niet omdat ze slecht zijn of zo, maar er kleven andere nadelen aan. Zo zijn de vleugels meestal gemaakt van piepschuim met daar over heen hout. Zou dit een keer kapot gaan, dan wordt het een heel karwei om weer te maken. Dat is alleen weggelegd voor ervaren bouwers. De motorbevestigingen zijn meestal niet voldoende stevig. En als laatste merk ik op dat je met een A.R.F. kist niet leert hoe je een vliegtuig moet bouwen. Als je namelijk een model, vanaf het eerste latje zelf hebt gebouwd, dan weet je hoe het in elkaar zit. De A.R.F. modellen zijn al klaar en zo kun je niet meer zien hoe ze er van binnen uitzien.

Tenslotte is er ook nog een mogelijkheid om een tweedehands model te kopen. Ik raad iedereen aan om daar voorzichtig mee te zijn. Ben je dit al wel van plan, informeer dan eerst bij de club, of probeer het model, voor je het koopt, te laten inspecteren door een ervaren modelvlieger bij de club. Kost niets en kan een hoop ellende voorkomen. Het is zo verschrikkelijk jammer als een nieuw lid vol trots zijn "kistje"op het veld zet en dat het dan, helaas, afgekeurd wordt. Het kan er op het oog goed uitzien maar de kenner kijkt verder en zal eventuele gebreken snel opsporen. In het ergste geval blijkt het, terwijl je dacht dat je een goedkoop tweedehands model had gekocht, een miskoop te zijn.

Aan de slag

Nou eigenlijk nog niet helemaal. Er zijn eigenlijk nog een aantal dingen van belang die je moet weten voordat je begint te bouwen. Het is namelijk niet alleen een kwestie van in elkaar plakken van alle onderdelen. Er komt wel wat meer bij kijken om een model te bouwen dat ook nog goed vliegt. De geringste afwijking of bouwfout lijdt tot grote problemen. Ik zal in enkele stappen de bouw doornemen.

De bouw van een vliegtuig kun je verdelen in drie hoofdgroepen:
  • De romp
  • De vleugel
  • Het staartvlak
Het is ook verstandig om te beginnen met de bouw van de vleugel, daarna de romp en daarna het staartvlak. Met name de volgorde van vleugel en romp is belangrijk. Je kunt namelijk later een vleugel moeilijk of niet meer aan passen aan de romp, maar wel andersom. Het klinkt misschien kinderachtig maar alle gebouwde onderdelen moeten recht gebouwd zijn. Zorg voor de bouw altijd voor een 100% vlakke ondergrond op de bouwtafel. Leg op die vlakke ondergrond een stuk board of plaat piepschuim, zodat je de onderdelen met spelden vast te zetten. Leg daarna de bouwtekening op die plaat en zet die vast. Controleer nogmaals of alles vlak is. Leg een stuk huishoudfolie over de tekening, zodat later niets aan de tekening vast kan plakken. Als dit allemaal klaar is, leg je alle onderdelen op de tekening uit, precies volgens de tekening. Let op, nog niets vast plakken. Zorg er eerst voor dat alles passend is gemaakt.

Een vleugel wordt meestal in delen gebouwd en moet later aan elkaar gezet worden. Volg precies de aanwijzingen in de bouwbeschrijving die de bouwdoos zit. Wijk daar absoluut niet van af. Zorg er voor dat onderdelen die in elkaar geschoven worden makkelijk in elkaar schuiven en bijvoorbeeld niet scheef trekken. Dit soort dingen kunnen later voor spanning in de zorgen, waardoor de vleugel krom trekt of zelf kan breken tijdens een vlucht. Door het hard van de vleugel, net iets voor het midden, moet een lat ingebouwd worden. Dit noemt men een ligger van de vleugel. Dit is eigenlijk de drager van de vleugel. Controleer of deze lat absoluut recht is. Is dit niet het geval, vervang deze dan door een goed exemplaar. Op deze ligger worden de ribben geplaatst. Mocht het zo zijn dat alles op een kromme ligger wordt gebouwd, dan wordt de rest van de vleugel ook krom gebouwd. Kijk uit dus. Klop alles nu, dan kan alles in elkaar gelijmd worden.

Lijmsoorten

Er zijn meerdere lijmsoorten geschil\kt om te gebruiken. De meest gebruikte soorten zijn:
  • Secondelijm
  • Witte houtlijm
  • Epoxy lijm
Let er wel op dat secondelijm letterlijk binnen een paar seconden "alles" vast plakt. Secondelijm is er in drie soorten verkrijgbaar, namelijk dun, middel en dik. Hoe dunner de lijm, des te sneller het plakt. Met bijvoorbeeld dikke secondelijm heb je ongeveer 10 seconden tijd om een onderdeel op zijn plaats te zetten. Bij de dunne versie plakt het direct vast en kun je niet meer corrigeren.

Bij witte houtlijm moeten de gelijmde delen vastgezet worden tijdens het uitharden.

Epoxy lijm (twee componenten) wordt gebruikt voor moeilijk te verlijmen onderdelen en op plaatsen waar veel krachten op komen tijdens het vliegen. Voorbeelden hiervan zijn de plaats waar de twee vleugelhelften aan elkaar worden gezet en het motorspant waar de motor aan vast komt te zitten.

De romp bouwen vindt plaats op de zelfde wijze als bij de vleugel. Als tip geef ik dat het verstandig is om de "hardlijn"van de romp precies in het midden van de romp te houden. Doe je dit niet dan zal de romp scheef in elkaar komen te zitten. De zijkanten van de romp moeten exact rechtop staan, dus 90 graden met de tafel. Spanten moeten recht in de romp gebouwd worden, anders trekt alles scheef. Verander niets aan de romp, omdat hierdoor later afwijkingen kunnen optreden. Controleer dus regelmatig alles met de bouw tekening. Let op: Laat de boven kant van de romp open. De kabels voor de besturing moeten ingebouwd worden. Plak je het gelijk dicht dan kun je er niet meer bij.

Voor het staartvlak geldt wederom het zelfde als bij de vleugel en de romp. Zorg dat alles recht gebouwd wordt. Plak het kielvlak (recht opstaande stuk) en Stabilo (vlakke stuk) nog niet aan elkaar. Nu is het tijd om de stuurstangen door de openingen in de romp aan te brengen. Zorg dat ze over de gehele lengte goed vast zitten. Knip de binnen stangen nog niet op lengte af, dat komt later wel.

Als je nu al deze onderdelen hebt gemaakt, neem dan alles naar de club en laat het inspecteren door een ervaren bouwer. Eventuele bouwfoutjes kunnen nu nog worden hersteld. Dus voor een inspectie moet je nog niets bekleden. Bied de onderdelen los voor inspectie aan. Dus ook de vleugels nog niet nog aan elkaar lijmen.
 
Na deze inspectie en het herstellen van foutjes kunnen de onderdelen in elkaar gezet worden. Ook hier kan nog een hoop mis gaan. Wanneer je een aantal kernpunten in de gaten houdt, die ik zo zal bespreken, moet het lukken. De vleugel samenstellen moet precies volgens tekening en bouwbeschrijving gebeuren. Voor het monteren van het kielvlak en Stabilo op de romp, is het belangrijk dat daarvoor de vleugel eerst geplaatst wordt op de romp. De vleugel goed vast zetten. Hierna het Stabilo uitrichten ten opzichte van de vleugel. De hoek tussen het kielvlak en het Stabilo moet exact 90 graden zijn. Het uitrichten van het Stabilo houdt in dat de afstand van de tip van de vleugel tot de hoek van het Stabilo aan beide zijden gelijk is.

Bij het samenvoegen van de twee vleugelhelften gebruik maken van epoxylijm. Bij voorkeur een soort dat in 24 uur uithardt. Daarna een ongeveer 10 centimeter brede strook glasmat (80 grams mat), met epoxylijm om de vleugel aanzetting lijmen aan de boven en onderzijde. Op deze wijze wordt de plaats waar de twee helften samengepakt zijn veel sterker. Je voorkomt er in ieder geval mee dat de twee helften tijdens het vliegen een keer omhoog klappen en het model neerstort. Nu je toch bezig bent met epoxy lijm en glasmat, plak dan ook een stuk mat achter het motorspant, daar waar het spant aan de zijkanten van de romp vastgeplakt is. Uiteraard kun je nu ook de achterzijde van de romp dichtmaken. Laat de voor kant nog open, want de tank en de motor moeten nog ingebouwd worden. Dus wacht nog even met bekleden.

De motor

Het zal vooral in het beginner moeilijk zijn een passende goede motor te vinden. Er zijn heel wat soorten en merken in de handel. De prijzen kunnen nogal verschillen. De kwaliteit echter ook. Verder kan er ook nogal veel verschil in de prestaties zitten. Voor een beginners model, zoals de Charter en de Taxi is een 4 cc motor toereikend. Het maakt alleen wel een verschil welk merk en type motor je koopt.

Uiteraard is er binnen de club al een ruime ervaring aanwezig met betrekking tot de gangbare motoren. De 4cc motor die nodig is voor een beginnersmodel is te herkennen aan de code 25, voorafgaand of gevolgd door een aantal letters. In de loop der jaren zijn de navolgende motoren als zeer goed, duurzaam en betrouwbaar uit de bus gekomen:
  • O.S. Max 25FX
  • Irvine 25 ABC MK III
Het zijn niet de goedkoopste motoren, maar ze hebben in het verleden bewezen dat je wel waar voor je geld krijgt. De Irvine is iets goedkoper als de O.S. Max. De Irvine is voor ruim EUR 120,- te koop. Het is natuurlijk niet verboden om een goedkoper 4 cc motortje te kopen, maar in de praktijk leert dat je daar mogelijk spijt van zal krijgen. Kom je er echt niet uit, vraag dan eens bij de club om meer informatie. Het is teveel werk om alle verschillen hier uit te leggen. Let wel dat goedkoop ook hier snel duurkoop kan zijn.

Als de motor is uitgekozen en gekocht, moet deze nog bevestigd worden. Ook hier moet je even opletten. De motor moet namelijk iets voorover staan en iets naar rechts wijzen. Op de tekening staat meestal wel aangegeven hoeveel graden die hoeken moeten zijn. Gemiddeld staat een motor 3 graden voorover en 2 graden naar rechts. Het voorover staan van de motor moet, om te voorkomen dat het model verschrikkelijk gaat klimmen. De motor moet het model eigenlijk iets voorover trekken. Het naar rechts plaatsen van de motor is ervoor om naar links uitwijkende krachten van de motor te compenseren. Zorg dat de motor voor de montage is ingelopen. Hoe dit moet, leggen we je graag uit bij de club en willen je daarbij ook wel helpen.

Heb je het model nog steeds open aan de voorzijde? Dan kunnen we nu de motor aan de motorspant bevestigen. Gebruik daarbij altijd zogenaamde "borgmoertjes". Ze zijn zo gemaakt dat ze niet makkelijk los trillen. Om de slangetjes later naar de tank te krijgen moet meestal een gat in het midden van het motorspant gemaakt worden. Maak het in ieder geval zo groot, dat de 3 slangetjes er ruim doorheen kunnen. Ze mogen eigelijk niet tegen het motorspant drukken. Je krijgt dan namelijk door trilling schuim in de slangen, met als gevolg dat de motor niet, of heel slecht loopt.

Als dit ook allemaal klaar is, moet eigenlijk de binnen kant van de romp, waar later de tank inkomt, ingesmeerd worden met een twee componenten lak of een laagje epoxy lijm. Doe je dit niet, dan zal binnen korte tijd op die plaats de brandstof zijn verwoestende werk gaan doen en alles aanvreten. Let wel dat dit later moeilijk te herstellen is.

De Brandstoftank

Soms zit er in de bouwdoos al een tankje. Meestal echter niet en moet je die er los bij kopen. Een 4 cc motor gebruikt weinig brandstof. Laten we er van uit gaan dat we streven naar een motorlooptijd van ongeveer 15 minuten. Dan zal je voor een 4 cc motor een tankje nodig hebben met een inhoud van 200 - 250 cc. Beslist niet groter want dat kan weer problemen opleveren met de motor. Een brandstoftank heeft altijd twee aansluitpunten. Soms ook drie aansluitpunten. Twee zijn altijd noodzakelijk. Er zal een slangetje naar de carburateur van de motor lopen, en er zal een slangetje naar de nippel van de uitlaat lopen. Deze laatste zorgt ervoor dat de uitlaatgassen de druk in de tank opvoeren. De motor heeft namelijk geen pomp. Met de druk in de tank stroomt de brandstof makkelijker naar de motor. Een eventuele derde aansluiting is voor het vullen van de tank. Volg de instructies altijd op zoals die bij de aangekochte tank geleverd worden door de fabrikant. Op basis van ervaringen is het raadzaam om de bijgeleverde klunk, het verzwaarde buisje dat in de tank komt te zitten, door een viltklink te vervangen. Zo'n viltklunk zorgt ervoor dat er geen luchtbellen in de slangetjes komen.

Voordat de tank in de romp gebouwd word, moet deze omwikkeld worden met bubbeltjesplastic. Hierdoor voorkom je schuimvorming in de tank door trillingen. Als dit allemaal klaar is, raad ik weer aan om met de romp naar de club te gaan en die laten inspecteren. Is het niet goed, dan kan het nu nog makkelijk veranderd worden. Plak de romp rondom de tank dus nooit helemaal dicht. Zorg voor een afschroefbaar luikje. Weet je niet hoe dit moet? Er is bij de club altijd wel iemand die je uitleg wil geven.

De Besturing

Feitelijk is het model ruwweg klaar en zou het bespannen kunnen worden. Ik adviseer om daar toch nog even mee te wachten. Het is namelijk noodzakelijk om vooraf de besturing in te bouwen. Op de tekening is meestal wel aangegeven waar de servo's geplaatst moeten worden. Voordat we hieraan kunnen beginnen, moeten we eerst een besturing kopen. Net als bij de motoren is ook hier van alles te koop. Ook hier geld meestal dat goedkoop duurkoop is.

Voor de besturing van een beginnersmodel heb je het volgende nodig;
  • Zender
  • Ontvanger
  • Zenderaccu
  • Ontvangeraccu
  • Servo's
Het is beslist niet nodig om gelijk hele dure apparatuur te kopen. Meestal kun je een complete set kopen waar al deze elementen al inzitten. De gemiddelde prijs voor een goede beginnersset ligt tussen de EUR 200,- en EUR 300,- Dit is natuurlijk en hoop geld, maar het is wel een van de belangrijkste dingen in de modelvliegsport. Een slecht werkende en goedkope kan al snel tot ongelukken leiden. En dan is alles kapot en moet je veel kosten maken om alles weer heel te krijgen.

De minimale eisen waaraan een zender moet voldoen zijn eigenlijk gering. Van belang is dat de zender in ieder geval 4 besturingskanalen heeft. Gebruik nooit batterijen in een zender of bij een ontvanger. Vaak zijn bij de setjes zogenaamde batterij houders geleverd. Ik adviseer om deze die met een grote boog in de vuilnisbak (bij de chemisch afval) te gooien. Het nadeel van batterijhouders is dat de batterijen er los in zitten en makkelijk los trillen. Als dit gebeurt, is het model direct stuurloos. Accu's zijn de beste oplossing. Informeer eens bij de club wat het beste voor jouw apparatuur is. Veelal kun je bij de club heel voordelig accu's kopen. De zender moet voor Nederland van een goedgekeurd type zijn. Er moet ook een sticker van goedkeuring op zitten.

De laatste eis waaraan een zenderset moet voldoen, is dat het zendsignaal van het type 35 MHz is. Dus koop geen 40 MHz of een andere soort. Per 1 juli 1999 is de 35 MHz gereserveerd voor de modelvliegers. Ik zal een aantal goede zendersets noemen die bewezen goed te zijn:
  • Futaba/Robbe F14
  • Futaba/Robbe FC16
  • Multiplex diverse modellen
  • Graupner MC 14
Ook hier zeg ik, informeer bij de club. Laat je in ieder geval niet door een gladde verkoper van alles aansmeren. Let er ook op dat er bij de zenderset kristallen geleverd worden voor de zender en de ontvanger. Zonder die kristalen werkt het niet.

Let bij het in bouwen op de volgende punten:
  • Servo's altijd met bijgeleverde rubber en schroefjes bevestigen
  • Ontvangeraccu inpakken in bubbeltjesplastic
  • Voordat de stuurstangen vast gezet worden de servo in de middenstand zetten met de zender aan
  • Wanneer quicklinks gebruikt worden om de stuurstangen aan de servo's en roeren te bevestigen, schuif dan een klein stukje brandstofslang om de kwiklink om te voorkomen dat die openspringt. Er zijn veiligere oplossingen op de markt. Informeer daarvoor bij de club. Roerhevels moeten altijd zo ingebouwd worden, dat deze altijd boven het scharnierende punt van het roer zitten
Bekleden

Het soort bekleding dat het meest gebruikt wordt en ook het makkelijkst werkt, is een speciale folie. De eigenschappen hiervan zijn dat het plakt en wil krimpen. Het wordt aangebracht met een strijkboutje. De hitte zorgt dat het vastplakt en krimpt. De folie die het meest gebruikt wordt is "Oracover". Het is te krijgen in vele kleuren. Er zijn ook goedkopere varianten zoals "Solarfilm". Het nadeel hiervan is dat het lang zo sterk niet is, het laat makkelijker weer los en het gaat ribbelen als het model in de zon staat.

Bij het bekleden van het maakt het niet veel uit in welke volgorde dit gebeurt. Zorg er in ieder geval wel voor dat de vleugel altijd eerst aan de onderkant gedaan wordt en daarna de bovenkant. Ook bij de romp van onderen naar boven werken. Knip de stroken ruim uit. Je kunt beter later iets wegsnijden dan dat het te kort is. Het krimpt immers. Zorg er in ieder geval voor dat bij het bekleden van de vleugel de folie niet de vleugel krom trekt. Een klein trucje daarbij is dat je de vleugen na het bespannen van de onderkant op een vlakke ondergrond onder druk vastlegt. Als dit klaar is dan de bovenzijde aanbrengen en opspannen. Het blijft moeilijk om te voorkomen dat alles krom trekt. Mocht het toch gebeuren, neem dan de vleugel even mee naar de club en vraag advies. Meestal is het euvel wel te verhelpen. Zorg bij het bekleden van de romp dat de folie vooraan bij de motor goed vastzit. De brandstof kruip er anders onder door en vreet het hout aan.

De Brandstof

Als brandstof wordt Methanol gebruikt. Omdat de motoren zelf geen olievoorraad hebben, moet er mengsmering gebruikt worden. Ook hierin zijn meerdere mogelijkheden. Informeer vooraf bij de club wat er zoal te koop is. Je kunt ook kant en klare brandstof kopen bij de club. Gebruik altijd een mengverhouding tussen 18% en 20%.

Je ziet nu wel waarom ik het zo vaak aanhaalde om tijdens het bouwen regelmatig de zaak te laten controleren. Als bij de eindkeuring het model afgekeurd wordt zijn de problemen om het te herstellen vele malen groter en duurder. Voorkom teleurstelling en laat dit je niet overkomen. Wij weten allemaal dat beginners fouten maken. Daar leer je van en het is helemaal niet erg. Wij zijn zelf ook ooit zo begonnen en hebben daarvan geleerd.

Tot zover de uitleg en tips bij het bouwen. Heb je een goedgekeurde kist dan wordt het nu tijd om te vliegen!

Veldbenodigdheden

Naast alle zaken die nu besproken zijn heb je nog een aantal essentiële dingen nodig om te kunnen vliegen:
  • Startmotor (niet noodzakelijk, dit kan ook met de vinger)
  • 12 volt accu
  • Gloeiplugstekker
  • 2 volt gloeiplug accu
  • Brandstofpomp + tank
Leren vliegen

De belangrijkste reden om voor het modelvliegen lid van een erkende club te worden is wel, dat men je daar gratis leert vliegen. Onder leiding van een aantal zeer ervaren instructeurs wordt jouw het vliegen met een model bijgebracht. De instructeurs zijn in staat om stapje voor stapje jouw veilig te leren vliegen. Neem maar aan dat het moeilijker is dan het lijkt, maar het is te leren door zowel jong als oud. Uiteraard heeft de een het sneller onder de knie dan de andere maar dat is met alles zo. De instructeurs begeleiden jouw tot aan het Brevet Examen. Dit examen zal op de club door tweetal examinatoren worden afgenomen. Wanneer je slaagt, krijg je een officieel door de KNVvL verstrekt Brevet.

Al jouw vorderingen kunnen in een persoonlijk logboekje worden bijgehouden. Omdat er meerdere instructeurs zijn, kan zo iedere instructeur zien op welk niveau jij vliegt. Deze logboekjes zijn voor leerlingen verplicht. Als basis voor het brevet geld dat je in staat moet zijn een modelvliegtuig veilig te laten starten, vliegen en landen. Ook eventuele noodsituaties moet je beheersen. Aan de hand van een vastgesteld programma worden jouw de vaardigheden getoetst.

Veel plezier in de wereld van de modelvliegsport!
Piet van der Laan

Weather data OK.
Vliegbasis Leeuwarden
-4 °C
Weather details